Historie

De bouw van de parochiekerk voert terug naar november 1915.
De St. Jacobuskerk, halverwege Schipluiden en Den Hoorn aan de Rijksstraatweg, raakte overbelast. Daarom werd bij bisschoppelijk besluit bepaald dat voor de kern Den Hoorn een eigen parochie zou worden gesticht.
Als patroonheilige werd de H. Antonius van Padua gekozen. Nog voor het voltooien van de kerk werd besloten ook de H. Cornelius hier aan toe te voegen. Dit laatste als verwijzing naar een kapel welke in vroeger tijden in Den Hoorn zou hebben gestaan. ( Vind hier een gedetailleerde beschrijving.)

Antonius van Padua ( 1195 - 1231 )
Hoewel Antonius Portugees van geboorte was, heeft hij vooral in Noord-ItaliŽ gewerkt. Op 15-jarige leeftijd trad hij in bij de reguliere kanunniken Assisi. Al spoedig vertrok hij als missionaris naar Marokko, maar een zware ziekte dwong hem terug te keren.
In 1222 werd hij priester gewijd en al snel ontdekte men zijn grote gave als prediker. Hij trok predikend rond door ItaliŽ en Zuid-Frankrijk. In 1227 werd hij provinciaal van Noord-ItaliŽ en vestigde zich definitief in Padua.
Voor een uitgebeide beschrijving van zijn leven verwijzen wij naar deze website.

Paus Cornelius ( ?? - 253 )
Als 21e paus van de Katholieke kerk had Cornelius veel te maken met vervolging en de strijd rond de dwaalleer ( van Novatianus ). Uit bewaard gebleven documenten valt op te maken dat hij een goed en edelmoedig mens is geweest. Algemeen wordt aangenomen dat hij tijdens zijn ballingschap door ontberingen om het leven is gekomen. Hij wordt vereerd als de patroon van de kinderen, van mensen met een pychiatrische en neurologische ziekten en van het gehoornde vee.

De opdracht een kerk te ontwerpen ging naar de Delftse architect Nic. Molenaar, een leerling van de grote Cuypers. Hij ontwierp een neogotisch bakstenen gebouw met een 35 meter hoge toren, in die tijd voor Den Hoorn hoogbouw.
De eerste steen werd gelegd op 19 juli 1916 door de toenmalige deken van Delft, J.J.de Graaf. Gebrek aan financiŽn en materiaalschaarste tijdens en na de Eerste Wereldoorlog maakten aanvankelijk dat de kerk zonder priesterkoor en met een half afgebouwde toren in maart 1917 voorlopig in gebruik werd genomen.
De kerk in z'n huidige omvang kon op 21 mei 1922 door de bisschop geconsacreerd worden.

Het schip bestaat uit vier traveeŽn ( travee = deel van een kerk dat overdekt wordt door ťťn gewelf dat op pijlers steunt). Daarachter - links en rechts - de zijbeuken die de plattegrond haar kruisvorm geven. De absis van de kerk, in het verlengde van het schip, vormt het priesterkoor. Onder de 12,5 meter hoge gewelven zijn 555 zitplaatsen gecreeerd.
De inwendige lengte van de kerk bedraagt 36 meter.

Tot het kerkcomplex behoorde ook een pastorie, welke uit zuinigheidsoverwegingen destijds niet onderheid werd. In 1982 heeft deze plaatsgemaakt voor nieuwbouw, die nu onder meer fungeert als secretariaat en vergaderruimte.

Op 17 december 1942 werd de klok door de bezetter uit de toren gehaald en meegenomen.
14 maart 1949 arriveerde twee nieuwe klokken:

  - 'Joannes'   ( 600 kg )

  - 'Maria'         ( 75 kg )


Medio 1986 is hier aan toegevoegd:
  - 'Leonardus' ( 400 kg )


( Vind hier een gedetailleerde beschrijving. )


In de meidagen van 1940 liep de kerk vooral aan de westzijde zware schade op.
Sinds het herstel dragen kleurige glas-in-lood ramen bij tot de weldadige sfeer die de ruimte kenmerkt.
Met de zon mee draaiend volgt een rondgang langs de verhalende ramen van deze kerk.
( Vind hier een gedetailleerde beschrijving. )

In de vier traveeŽn van het schip tonen de linker ramen de 12 apostelen, de zending der priesters. Telkens drie per raam, afgebeeld met een hen bijbehorend attribuut.
De toppen van de ramen tonen verschillende kruisen, symbolen van oecumene.
Symbolen aan de onderzijde van de ramen beelden de vier kardinale deugden uit.

De rechter ramen verwijzen naar het Lucas-evangelie waarin 72 leerlingen door Jezus twee aan twee worden uitgezonden "naar alle steden en plaatsen waarheen Hijzelf van plan was te gaan": de zending der leken. Mogelijk wijst het getal 72 op telkens zes personen uit de twaalf stammen van IsraŽl. Op de achtergrond steeds een denkbeeldige stad, waaruit telkens een man en vrouw in tijdloze dracht naar voren komen. Zowel apostelen als leerlingen zijn volgens gebod blootsvoets afgebeeld.
De 12 wijdingkruisjes wijzen eveneens op de apostelen, als steunpilaren van de kerk.
De vier jaargetijden aan de onderzijde verzinnebeelden de continuÔteit van de zendingsopdracht.

De linker kruisbeuk wordt gedomineerd door een Antonius raam. Hij is de eerste patroon van deze kerk. Afdalend laat het raam eerst een gestyleerde orde zien van sterren rond zon en maan en die ene ster die de Wijzen naar het Kind bracht. Daaronder de Paaskaars als symbool van Christus, het Licht van deze wereld. Dan twee St Antonius legenden.
De preek tot de vissen omdat de mensen zijn boodschap niet wilden begrijpen en daarnaast de knielende ezel van de koopman die niet in de Eucharistie geloofde en daar ook niet voor wilde knielen.
De glazen tochtdeur naar de zuiduitgang toont de pelikaan die 'met diens eigen bloed' de jongen voedt, ťťn van de symbolen voor Christus.

Rond het oorspronkelijk koor is het bijbels getal zeven in het aantal nissen terug te vinden. Hierin zijn ramen aangebracht. Vijf tonen beelden uit het Oud- en Nieuw Testament. De twee aansluitende mozaiekramen zijn ontworpen door de glazenier van het Antonius glas-in-lood en het Taizť-kruis boven het portaal.

Raam 2 Onder een Christusmonogram zijn afgebeeld Abraham die zijn enige zoon Izašk offert
              en Jezus biddend in de Hof van Olijven.

Raam 3 Onder een anker - symbool van de hoop - Elia die van de engel brood ontvangt
              alvorens de reis naar de berg Horeb te maken (de berg van God) en de kerstenings
              apostelen van Nederland St Willibrordus en St. Bonifatius.

Raam 4 Toont met een driehoek de H. DrieŽenheid, de Heilige Geest met de vurige tongen
              van Pinksteren en de Zoon in gaven van brood en wijn, de Heilige Eucharistie
              aangedragen door engelen.

Raam 5 Het kind met 5 broden en 2 vissen, de wonderbare broodvermenigvuldiging
              verzinnebeeldend en de evangelist Johannes hier afgebeeld met diens icoon de
              adelaar, verlicht en geÔnspireerd door de H. Geest (witte duif).

Raam 6 Het EmmaŁs-verhaal met symbolisch de zinsnede brandde ons hart niet".
              Daaronder het wijnwonder te Kana, waarmee het openbare leven van Jezus aanvangt.

In het kleurrijk glas-in-loodraam van de westzijbeuk
troont Christus als 'Majestas Domini', omgeven door
4 medaillons met de symbolen van tijd en eeuwigheid: Alpha, Omega, zon, maan en sterren.
Daaronder de iconografie van de vier evangelisten
(vlg. Jesaja 6, EzechiŽl 1 en Openbaring 4):
> het Evangelie volgens MattheŁs begint bij de
    Menswording van Christus (mens),
> de evangelist Marcus vangt aan met Johannes in
    de woestijn (leeuw),
> Lucas met het offer van Zacharias (kalf), terwijl de
    evangelist Johannes het verheven Woord schrijft
    (arend of adelaar).

Het Sacramentsaltaar onder de Godslamp rechts naast het priesterkoor deed tot 1922 als eerste dienst in de nog niet voltooide kerk. Het stond ongeveer op de plaats waar sinds 1973 het inmiddels derde hoofdaltaar is opgesteld. In de jaren daartussen was het tweede altaar, zoals toen gebruikelijk, geplaatst in de absis van het gereedgekomen priesterkoor.

Boven de in- of uitgang van de kerk toont een blik naar boven nog het noordelijk raam. Daarin is de Taizť-duif als symbool voor de H. Geest uitgebeeld. Buiten in het plaveisel van het kerkplein herkent men het 'wiel der wet'. De stilistisch weergegeven oud testamentische lotus verwijst naar het getal acht, ons symbool voor de achtste dag, dag van Christus verrijzenis (de 7e dag was de Sabbath voor de Joden). Tevens verwijst het naar de Bergrede, de acht zaligsprekingen, het achtvoudig pad van de rechte levenswandel, Christus' grondwet.


Voor een overzicht van de pastoors en kapelanen die tot op heden onze parochie
hebben gediend verwijzen wij u naar deze pagina.

( Deze tekst is in 2006 afgeleid van eerdere publikaties )